Maar hoe rijmt dit met de gesneuvelde Wet verbod pelsdierhouderij?


Mag je in een bestemmingsplan voor het buitengebied nieuwe pelsdierhouderijen verbieden? De Wet verbod pelsdierhouderij is vorig jaar toch door de rechtbank getorpedeerd? Hoewel het tegenstrijdig klinkt, kun je beide vragen bevestigend beantwoorden.

 

Opmerkelijke uitspraak
De Raad van State heeft eind vorige maand immers bepaald dat je in een bestemmingsplan voor je buitengebied mag regelen dat omschakelen van (andere) intensieve veehouderijen naar een pelsdierhouderij verboden is. Op het eerste gezicht een opmerkelijke uitspraak, omdat de rechtbank Den Haag (21 mei 2014, ECLI:NL:RBDHA:2014:6161) vorig jaar de Wet verbod pelsdierhouderij buitenspel heeft gezet.


Wat deze wet inhoudt? Deze wet verbiedt nieuwe pelsdierhouderijen (nertsenbedrijven). En bestaande pelsdierhouderijen mogen nog blijven bestaan tot 1 januari 2024. Deze bestaande pelsdierhouderijen kun je dus wel nog bestemmen.


Maar de rechtbank Den Haag heeft de Wet verbod pelsdierhouderij (met het herstelvonnis van 18 juni 2014) dus buiten werking gesteld. Na een fair-balance toets vond de rechtbank dat de compensatieregeling voor de nertsenhouders niet volstond (aldus ook de Nederlandse Federatie voor Edelpelsdierhouders). Tegelijkertijd was de rechtbank wel van oordeel dat deze wet prima was gemotiveerd en het ook een legitiem doel zou dienen.  


Daarnaast is de strijd nog niet gestreden. De Nederlandse overheid ging immers direct tegen de uitspraak van de rechtbank in hoger beroep. De zitting hiervan heeft onlangs (3 september 2015) plaatsgevonden. Men verwacht op 10 november a.s. een uitspraak van dit hoger beroep.


Kortom, de Wet verbod pelsdierhouderij is zeker nog niet uitgespeeld.


Niet uitvoerbaar
Maar de Wet verbod pelsdierhouderijen heeft toch geen ruimtelijk motief? En bovendien, de ruimtelijke uitstraling van een pelsdierhouderij is toch niet anders dan een andere intensieve veehouderij?!


Dat kan wel zijn, maar kennelijk verwacht de Raad van State dat die wet straks weer van kracht wordt (al dan niet na een eventuele reparatie door de wetgever?) en de ruimtelijke gevolgen van die wet zijn duidelijk.

 

Daarmee is nieuwvestiging van een pelsdierhouderij niet uitvoerbaar wanneer je dit toch in je bestemmingsplan mogelijk maakt. En een bestemmingsplan die niet uitvoerbaar is, mag je niet zo vaststellen (artikel 3.1.6, eerste lid van het Besluit ruimtelijke ordening).


Bron: ABRvS 26 augustus 2015, 201402008/1/R3